Je zit in de wachtkamer van de bedrijfsarts en weet niet goed wat je zo dadelijk kunt zeggen. Want wat er besproken wordt, gaat dat rechtstreeks naar je leidinggevende? Of je nu uitgevallen bent door een burn-out, een lichamelijke klacht of iets wat je liever voor je houdt: de vraag wat de bedrijfsarts mag doorvertellen is concreter en urgenter dan de meeste mensen beseffen. En het antwoord verraست vrijwel altijd dat zowel werknemers als werkgevers het fout hebben.
Het misverstand dat veel spanning veroorzaakt
Werkgevers denken soms dat ze recht hebben op een volledig medisch rapport. Ze betalen de bedrijfsarts immers, via de arbodienst. Maar die redenering klopt juridisch niet. De bedrijfsarts is een onafhankelijk arts met een eigen beroepsgeheim, ook wel de bedrijfsarts geheimhoudingsplicht genoemd. Die plicht staat los van wie de rekening betaalt. De werkgever is opdrachtgever, maar geen eigenaar van jouw medische gegevens.
Aan de andere kant denken sommige werknemers dat de bedrijfsarts helemaal niets mag zeggen. Ook dat is onjuist. Er is een specifiek, wettelijk afgebakend terrein waarop de arts wél informatie deelt. Alles daarbuiten blijft strikt privé.
Wat de bedrijfsarts wél mag melden aan je werkgever
De wet, en dan met name de Arbeidsomstandighedenwet en de Wet op de geneeskundige behandelingsovereenkomst, begrenst de informatiestroom heel concreet. Er zijn drie categorieën die de bedrijfsarts aan je werkgever mag communiceren.
- Arbeids(on)geschiktheid: Ben je volledig arbeidsongeschikt, gedeeltelijk inzetbaar, of volledig hersteld? Dat mag de bedrijfsarts melden. Niet méér dan dat.
- Verwachte duur van het verzuim: Een inschatting of je over twee weken, een maand of langer weer aan het werk kunt. Dit helpt de werkgever plannen zonder dat de medische oorzaak ter sprake komt.
- Functionele mogelijkheden en werkplekaanpassingen: Kun je wel werken, maar dan alleen staand, maximaal vier uur per dag of zonder beeldschermwerk? Die beperkingen worden in een functionele mogelijkhedenlijst vastgelegd. Wat je niet kunt, mag worden gedeeld. Waarom je het niet kunt, niet.
Stel dat je een knieblessure hebt. De bedrijfsarts mag zeggen: “deze werknemer kan momenteel niet staan maar wel zitten, en is naar verwachting over drie weken volledig inzetbaar.” De diagnose, hoe de blessure ontstaan is en of je medicijnen gebruikt, blijven buiten het gesprek met je werkgever.
De absolute grens: wat nooit doorgegeven wordt
Hier mogen geen uitzonderingen op bestaan, ook niet als je werkgever er nadrukkelijk naar vraagt. De bedrijfsarts mag nooit aan de werkgever vertellen:
- welke aandoening of diagnose je hebt
- welke medicijnen je gebruikt
- of je klachten psychisch of fysiek van aard zijn
- de oorzaak van het verzuim, ook niet of het werk-gerelateerd is
- informatie uit eerdere ziekenhuisbezoeken of je huisartsendossier
Dat laatste punt is belangrijk: een bedrijfsarts heeft geen automatische toegang tot je medisch dossier. Je huisarts deelt alleen informatie als jij daar toestemming voor geeft.
Een voorbeeld uit de praktijk: je bent uitgevallen door een burn-out na een conflict met je leidinggevende. Je werkgever wil weten of het “iets psychisch” is. De bedrijfsarts mag daar geen antwoord op geven. Punt. Ook niet als de werkgever aangeeft dat het hem helpt bij de re-integratie. De arts kan wel zeggen welke taken je nu kunt uitvoeren, en welke niet.
Verzuimgesprek, probleemanalyse en aanstellingskeuring: drie verschillende regimes
Niet elk contact met een bedrijfsarts is hetzelfde. Het maakt uit in welke situatie je zit.
Bij een verzuimgesprek in de eerste weken van je ziekte is het doel om je inzetbaarheid te beoordelen. De bedrijfsarts rapporteert aan de werkgever conform de drie categorieën hierboven.
Bij een probleemanalysedie verplicht is als je na zes weken nog ziek bent, wordt er een plan van aanpak opgesteld. Ook hier geldt: de inhoud van de probleemanalyse mag met de werkgever gedeeld worden, maar niet de medische achtergrond. Je hebt recht op inzage in dit document voordat het gedeeld wordt.
Een aanstellingskeuring is heel anders. Daarbij gaat het om de vraag of jij een bepaalde functie kunt vervullen, nog voor je in dienst treedt. De keuring mag alleen plaatsvinden als de functie bijzondere medische eisen stelt, bijvoorbeeld bij politie of brandweer. De arts meldt uitsluitend of je geschikt of ongeschikt bent, nooit waarom. De wet verbiedt het om te vragen naar chronische ziekten, zwangerschap of geestelijke gezondheid.
Als jij zelf toestemming geeft
Je kunt er zelf voor kiezen om je werkgever meer te vertellen, of toestemming te geven aan de bedrijfsarts om dat te doen. Soms is dat handig, bijvoorbeeld als je werkgever meer begrip heeft als hij weet dat je een operatie ondergaat en zes weken niet kunt tillen.
Maar let op: toestemming die jij geeft, kun je ook altijd weer intrekken. Dat is geen gunst, dat is een recht. Je kunt op elk moment zeggen dat je wilt dat bepaalde informatie niet langer gedeeld wordt. Zet dit bij voorkeur schriftelijk, zodat je een bewijs hebt.
Wat te doen als de bedrijfsarts te veel heeft verteld
Vermoed je dat de bedrijfsarts informatie heeft gedeeld die buiten zijn bevoegdheid valt? Dan heb je drie afzonderlijke routes.
Route 1: de klachtenprocedure bij de bedrijfsarts of arbodienst zelf. Elke arbodienst is wettelijk verplicht een klachtenprocedure te hebben. Begin hier, want het is vaak de snelste weg en je kunt een gesprek afdwingen over wat er precies is doorgegeven.
Route 2: het tuchtrecht via de KNMG. Bedrijfsartsen zijn geregistreerd als arts en vallen onder het medisch tuchtrecht. Je kunt een klacht indienen bij het Regionaal Tuchtcollege voor de Gezondheidszorg. Dit is een formeel traject dat kan leiden tot een waarschuwing, berisping of in ernstige gevallen doorhaling van de registratie.
Route 3: de Autoriteit Persoonsgegevens. Medische gegevens zijn bijzondere persoonsgegevens onder de AVG. Als die zonder jouw toestemming zijn gedeeld, is dat een datalek. Je kunt dit melden bij de Autoriteit Persoonsgegevens, die de bevoegdheid heeft om te handhaven en boetes op te leggen.
Je hoeft deze routes niet in volgorde te bewandelen; je kunt ze ook gelijktijdig inzetten.
Oneens met het oordeel? Vraag een second opinion via het UWV
Als je het niet eens bent met de beoordeling van de bedrijfsarts, bijvoorbeeld over de mate van arbeids(on)geschiktheid, kun je een second opinion aanvragen bij het UWV. Dit is een wettelijk recht dat in 2017 is ingevoerd en dat de bedrijfsarts verplicht te respecteren.
Praktisch: je vraagt dit schriftelijk aan bij de verzekeringsarts van het UWV. Je hoeft je werkgever hier niet van op de hoogte te stellen voor je de aanvraag doet. Het UWV beoordeelt onafhankelijk en deelt het resultaat met jou en met de bedrijfsarts, niet rechtstreeks met je werkgever. Zo bescherm je je positie terwijl je toch je recht haalt.
Vragen die je stelt bij de bedrijfsarts om verrassingen te voorkomen
Een goede voorbereiding op het gesprek scheelt achteraf veel onrust. Stel in elk geval deze vragen:
- Wat gaat u precies aan mijn werkgever rapporteren na dit gesprek?
- Mag ik de rapportage inzien voordat u die verzendt?
- Welke informatie wordt opgeslagen in mijn dossier, en wie heeft daar toegang toe?
- Als mijn werkgever later aanvullende vragen stelt, wat vertelt u dan?
Een goede bedrijfsarts vindt deze vragen volkomen normaal. Je hebt recht op transparantie over wat er met jouw gegevens gebeurt, en een arts die dat niet wil toelichten geeft al een signaal af.
De bedrijfsarts mag je werkgever vertellen of je kunt werken, wat je beperkingen zijn en welke aanpassingen nodig zijn. Daarmee houdt het op. Je diagnose, je medicatie, de achterliggende reden van je uitval en alles wat je in het consult vertelt, blijft onder de arts. Weet je dat, dan loop je die kamer in met een stuk minder onzekerheid over wat er daarna met jouw informatie gebeurt.